ARNHEM – De zero-emissiezone is sinds deze maand van kracht in een deel van Arnhem. Op papier moet de uitstoot van verkeer in de binnenstad fors omlaag. In de praktijk reden op de eerste dag nog voertuigen van onder meer vervoerders, afvalinzamelaars, Liander en de gemeente Arnhem door de nieuwe zone die niet emissievrij zijn. Terwijl ondernemers worden aangespoord om over te stappen op uitstootvrij vervoer, blijkt ook bij publieke organisaties de omslag nog lang niet voltooid.

Wie maandag door het centrum liep zag een merkwaardig beeld. Op vrijwel iedere toegangsweg staat sinds 1 juni een nieuw verbodsbord dat de zero-emissiezone markeert. De boodschap lijkt helder: vervuilende voertuigen verdwijnen uit de binnenstad. Toch reden op dezelfde dag nog vuilniswagens, bedrijfswagens, bussen en andere niet-emissievrije voertuigen door het gebied. Het contrast tussen de ambitie van het beleid en de werkelijkheid op straat kon nauwelijks groter zijn.
Bord zegt verbod, overheid zegt ‘op termijn’
De verwarring wordt versterkt door de communicatie van de overheid zelf. Op straat staat een verbodsbord. In het persbericht dat maandag werd verspreid door het landelijke platform Op Weg Naar ZES staat echter dat bestel- en vrachtauto’s met uitstoot pas ‘op termijn’ uit de zone verdwijnen. De overheid spreekt over een geleidelijke overgang met uitzonderingen, vrijstellingen en ontheffingen.
Dat verschil is essentieel. De zone is weliswaar officieel ingegaan, maar voor veel voertuigen verandert er voorlopig weinig. Voor diverse bestelwagens en vrachtwagens gelden overgangsregelingen die nog jaren doorlopen. Daarnaast worden de eerste zes maanden nog geen boetes uitgedeeld. Wie vandaag door de zone rijdt krijgt hooguit een waarschuwing.
Afval
Juist de afvalinzameling legt de kwetsbaarheid van het Arnhemse beleid bloot. Terwijl ondernemers worden aangespoord om te investeren in uitstootvrije voertuigen, wordt het huisvuil in Arnhem nog grotendeels opgehaald met dieselwagens. Tegelijkertijd wordt de gemeente mede-eigenaar van afvalbedrijf ROVA. Daarmee krijgt Arnhem meer invloed op het wagenpark, maar juist nu is nog onduidelijk wanneer de vuilniswagens daadwerkelijk emissievrij worden.
De vraag wie de rekening betaalt voor de vervanging van tientallen zware voertuigen is voorlopig onbeantwoord. Daarmee bevindt de afvalinzameling zich in precies dezelfde overgangsfase als veel ondernemers waarvoor de regels zijn bedoeld.
Bussen
Ook het openbaar vervoer laat zien hoe groot de afstand is tussen ambitie en werkelijkheid. Provincie Gelderland presenteerde deze week met trots de aanschaf van 320 nieuwe zero-emissiebussen voor de nieuwe concessie Arnhem-Nijmegen-Foodvalley. Tegelijkertijd erkent de provincie dat deze voertuigen pas gefaseerd worden ingevoerd.
Niet alle remises zijn gereed, chauffeurs moeten nog worden opgeleid en de nieuwe bussen arriveren verspreid over de zomer. De provincie hoopt eind dit jaar volledig emissievrij te rijden. Op het moment dat Arnhem de zero-emissiezone invoert, is die omslag dus nog niet afgerond. Ook hier loopt de praktijk achter op de ambitie.
Liander
Niet alleen vervoerders en afvalinzamelaars zitten midden in de overgang. Ook voertuigen van Liander waren op de eerste dag van de zone zichtbaar in het gebied. Dat hoeft niet in strijd te zijn met de regels, maar het roept wel een ongemakkelijke vraag op.
Als ondernemers worden aangespoord om versneld over te stappen op uitstootvrij vervoer, welke voorbeeldrol vervullen publieke organisaties dan zelf? Juist organisaties die dagelijks werken aan de energietransitie blijken nog afhankelijk van dezelfde overgangsregelingen en dezelfde gefaseerde verduurzaming als de bedrijven waarop de nieuwe regels zijn gericht.
Meer symbool dan omslag
De gemeente Arnhem benadrukt dat de zero-emissiezone nodig is voor schonere lucht, minder uitstoot en een gezondere binnenstad. Dat doel wordt door weinig partijen betwist. Wat wel vragen oproept is de manier waarop de zone wordt ingevoerd.
Op straat staat een verbodsbord dat suggereert dat vervuilende voertuigen uit de binnenstad verdwijnen. In de praktijk blijven veel dieselvoertuigen voorlopig zichtbaar dankzij overgangsregelingen, vrijstellingen en ontheffingen. Nieuwe bussen moeten nog arriveren, vuilniswagens moeten nog worden vervangen en ook publieke organisaties zijn nog niet volledig emissievrij.
De zero-emissiezone is daarmee sinds 1 juni officieel werkelijkheid. Maar wie verwachtte dat Arnhem vanaf deze week ook daadwerkelijk uitstootvrij zou rijden, heeft waarschijnlijk vooral een nieuw bord gezien.