Caroline Frost voert met een groep Britse parachutisten tijdens de herdenking van de Slag om Arnhem campagne voor het behoud van het gebouw ‘Jos Pé’ aan de Nieuwe Kade ten oosten van de brug. Zij is de dochter van luitenant-kolonel John Frost die in september ’44 de noordelijke oprit van de later naar hem genoemde John Frostbrug verdedigde. Het is het allerlaatste, nog overgebleven gebouw bij de Rijnbrug dat een rol speelde in de Slag om Arnhem. In ‘Jos Pé’ kan de geschiedenis volgens de Britten ‘fysiek nog aangeraakt’ worden.
(tekst Henk Donkers)
Een fraai gebouw om te zien is het momenteel niet. En bijzonder evenmin, tenminste als je de geschiedenis niet kent. Hier vestigde zich in 1940 ansichtkaartenuitgeverij Jos-Pé. De naam was afgeleid van de voornamen van de eigenaar Joseph Peter Wenker. Hij was afkomstig uit Hamburg en begon in 1925 in de Koningsstraat een uitgeverij van ansichtkaarten met straatgezichten en gebouwen erop. Hij produceerde er vele duizenden, vaak in opdracht. Na 62 jaar ging Jos-Pé in 1987 failliet en vond Kunsthandel Van Ginkel er onderdak. Nu zit horecagelegenheid De Dekaan erin en hebben een aantal kunstenaars er hun atelier.
Het pand is eigendom van de Arnhemse vastgoedinvesteerder Theo de Rijk. Hij is eigenaar van 162 panden in Arnhem en investeert vooral in panden met een erfgoedstatus. Zo bezit hij de Walburgiskerk die hij een nieuwe toekomst gaf door er een restaurant en belevenishotel van te maken. De Rijk heeft een imago als ‘redder van cultureel erfgoed’ en wil dat ook graag zijn.

Geen museum
Ook met pand Jos Pé heeft De Rijk plannen die passen bij de geschiedenis van het gebouw en de plek. Hij zou het gebouw willen transformeren in woningen en een horecagelegenheid annex ontmoetingsruimte waarin permanent aandacht is voor de Slag om Arnhem. Hij wil er de geschiedenis echter niet ‘achter glas’ zetten, maar onderdeel maken van het dagelijks gebruik van het gebouw. De Rijk wil veteranen, nabestaanden, Arnhemmers, bezoekers en jongere generaties met elkaar en met de geschiedenis van deze plek in contact brengen middels lezingen, kleine tentoonstellingen en evenementen rond de Slag om Arnhem. Het moet nadrukkelijk geen traditioneel museum worden.
Gemeente wil werkplekken
Jos Pé ligt aan de rand van het Rijnparkproject waar de komende jaren ongeveer 7000 woningen gebouwd worden, voor een groot deel hoogbouw. De gemeente realiseert zich nu dat er te veel nadruk ligt op woningbouw en wil meer werkplekken en commerciële functies. Voor Jos Pé zou dat een supermarkt kunnen zijn. De gemeente oefent op projectontwikkelaars in het Cobercokwartier, waarin ook Jos Pé ligt, druk uit om werkplekken en commerciële functies te realiseren. Daarom is de gemeente niet bij voorbaat genegen in te stemmen met de plannen van De Rijk.
Militaire betekenis Jos Pé
De Rijk krijgt nu steun voor zijn plannen uit Britse hoek en met name Caroline Frost. Zij schaart zich achter De Rijks plannen vanwege de bijzondere militaire betekenis van het gebouw en de plek tijdens de Slag om Arnhem.
De strijd aan de oostzijde van de Rijnbrug in september ’44 staat nauwgezet beschreven in ‘De noordzijde van de brug’, een boekje van historicus Frank van Lunteren die meerdere boeken schreef over de parachutisten van de Airborne Divisie. We volgen zijn reconstructie. Op 17 september wist luitenant Gerald Infield het pand van Jos Pé te bezetten met zijn 8e peloton, het enige dat nog intact was van de compagnie waarvan hij deel uitmaakte. Vanuit Jos Pé en de nabij gelegen Camiz-fabriek leverden de Britten fel verzet tegen Duitse pogingen de brug te heroveren op de Britten onder commando van John Frost. Waarschijnlijk leverden zij ook een bijdrage aan het verijdelen van de poging van SS-Hauptsturmführer Viktor Gräbner om de brug te heroveren. Daarbij werd Gräbner gedood en leed zijn eenheid zware verliezen. Behalve vanuit Jos Pé schoten de Britten ook vanuit andere gebouwen aan de noordzijde van de brug op de pantsercolonne van Gräbner, en ook werd Brits geschut bij het kerkje in Oosterbeek ingezet. De vernietiging van Gräbners colonne was een opsteker voor de circa 740 mannen van de Airborne Divisie.
De mislukte aanval van Gräbner en de vernietiging van zijn colonne is een beroemd geworden scène in de film ‘A Bridge Too Far’.

Heroverd door de Duitsers
De Britten in Jos Pé hielden echter geen stand. In het begin van de middag van 18 september omsingelden Duitse militairen het pand. Een van de Britten, sergeant Vernon Lumb, vertelde later dat hij twee Duitse Mark III tanks zag naderen. Ze schoten van dichtbij grote gaten in de muren en gooiden daar brisantgranaten doorheen. Daarna stormden de SS-infanteristen naar binnen en namen de verdoofde en gewonde Britse soldaten krijgsgevangen. Ze werden afgevoerd naar het oosten. Volgens de gevangengenomen sergeant Lumb kregen de gewonden ‘directe en goede verzorging’. In de literatuur en de memoires van John Frost is weinig aandacht voor de strijd aan de oostzijde van de brug. Dat komt omdat er geen radiocontact was tussen de manschappen van Frost aan de westkant van de brug en het peloton van Infield en andere Britse troepen aan de oostkant. Infield (die zijn Joodse identiteit geheim wist te houden) werd in 1945 bij Braunschweig uit krijgsgevangenschap bevrijd. Hij keerde in 2014 pas weer terug in Arnhem en overleed in 2015, 94 jaar oud.

Na de oorlog was Jos Pé veranderd in een ruïne, maar eigenaar Joseph Peter Wenker liet het pand grotendeels in zijn oorspronkelijke vorm herstellen en zette er zijn ansichtkaartenuitgeverij voort.
Britse oorlogsgeschiedenis
Er ligt dus heel wat Britse oorlogsgeschiedenis in en rond Jos Pé. Het verbaast dus niet dat Britse parachutisten zich inzetten voor het behoud van het laatste pand bij de brug waar de Slag om Arnhem om draaide. Het is een pand ‘met een verhaal’ dat hier telkens opnieuw verteld en doorgegeven kan worden aan volgende generaties. Elk jaar komen er nog groepen Britse scholieren naar Arnhem om te leren over september ’44. Jos Pé is een plek waar ze de geschiedenis kunnen ervaren en fysiek kunnen aanraken, aldus de parachutisten die op 18 september, de dag waarop hun voorgangers de strijd moesten staken, met velen het pleidooi van Caroline Frost kwamen ondersteunen.

Het gebouw moet een plek worden voor de Airborne vieringen.